Bijna elke ruzie over parkeren in een VvE komt voort uit één misverstand: men weet niet welke van de drie juridische vormen de eigen plek heeft. Een zelfstandig appartementsrecht, een gemeenschappelijke plek met exclusief gebruiksrecht of een vrij toewijsbare plek zijn drie verschillende dingen, met verschillende regels voor verkoop, kosten en laadpalen.
Bijgewerkt: 4 augustus 2026 · Leestijd: 8 minuten
De vraag "van wie is die plek?" beantwoordt u in de splitsingsakte en op de bijbehorende splitsingstekening, niet in het huishoudelijk reglement en niet aan de hand van gewoonte. Zoek uw appartementsrecht op in de akte en kijk of er een apart indexnummer met een eigen breukdeel voor de parkeerplaats bestaat. Wat u aantreft, valt in een van drie categorieën. Wie meteen wil zien wat dat voor de kosten betekent, kan het naast wie betaalt wat leggen.
De eerste vorm is de parkeerplaats als zelfstandig appartementsrecht. De plek heeft dan een eigen indexnummer, een eigen breukdeel en een eigen aandeel in de kosten. U bent er eigenaar van, u kunt hem in beginsel apart verkopen of verhuren, en hij levert stemrecht op in de vergadering. Veel aktes beperken de overdracht wel: verkoop uitsluitend aan een andere appartementseigenaar in hetzelfde complex is een gangbare bepaling, bedoeld om te voorkomen dat buitenstaanders de garage in en uit rijden. Bij een nieuwbouwcomplex met ondergrondse garage is dit de meest voorkomende constructie.
De tweede vorm is de gemeenschappelijke plek met exclusief gebruiksrecht. De garage of het parkeerterrein hoort dan tot de gemeenschappelijke gedeelten, maar aan een bepaald appartementsrecht is het uitsluitend gebruik van een genummerde plek toegekend. Dat gebruiksrecht staat meestal in de akte zelf, soms in een later vergaderbesluit. Het is geen eigendom: u kunt de plek niet los verkopen, want hij hoort onlosmakelijk bij uw appartement en gaat bij verkoop automatisch mee. Onderhoud en verzekering blijven zaak van de vereniging.
De derde vorm is de vrij toewijsbare plek. Alles is gemeenschappelijk, niemand heeft een vast recht, en de vergadering bepaalt hoe de plekken worden gebruikt. Dit komt vooral voor bij oudere complexen met een terrein achter of naast het gebouw, en het is de vorm waarin de meeste conflicten ontstaan — simpelweg omdat er niets is vastgelegd en gewoonterecht dan de plaats van de regel inneemt.
Voor alle drie de vormen geldt hetzelfde uitgangspunt: het bouwkundige onderhoud van de garage of het parkeerdek is onderhoud van een gemeenschappelijk gedeelte, en dat betaalt de vereniging. De constructievloer, de hellingbaan, de wanden, de garagedeur, de ventilatie, de brandmeld- en sprinklerinstallatie, de verlichting en de belijning zijn gemeenschappelijk. Dat is geen kleine post: een ondergrondse garage is bouwkundig duur, en betonherstel en de vervanging van een ventilatiesysteem lopen makkelijk in de tienduizenden euro's. Zorg dat de garage als apart bouwdeel in het meerjarenonderhoudsplan staat; hij wordt structureel vergeten.
De vraag is dus niet wie betaalt, maar naar welke verdeelsleutel. En daar lopen de aktes uiteen. Drie modellen komen voor.
| Model in de akte | Gevolg voor de kosten |
|---|---|
| Eén breukdeelverdeling voor alles | Alle eigenaars betalen mee aan de garage naar hun breukdeel, ook wie geen plek heeft. Vaak het geval bij oudere aktes. |
| Aparte kostenverdeling of exploitatiegroep voor de garage | De akte wijst een tweede verdeelsleutel aan waarin alleen de parkeerappartementsrechten meedelen. De garagekosten komen dan uitsluitend bij de plekhouders terecht. |
| Parkeren als aparte ondervereniging | Bij grote complexen bestaat soms een aparte VvE voor de garage, met eigen begroting, eigen reservefonds en eigen vergadering. |
Welke van de drie voor u geldt, staat uitsluitend in uw eigen splitsingsakte; die tekst gaat vóór elke algemene regel. De modelreglementen 1992, 2006 en 2017 laten alle drie de varianten toe.
Het gevoelige punt zit bij het eerste model: eigenaars zonder auto betalen mee aan de garage. Dat voelt onrechtvaardig, maar het is wel wat er in de akte staat, en de vergadering kan die verdeling niet met een gewoon besluit veranderen. Daarvoor is een wijziging van de splitsingsakte nodig, bij de notaris, met de gekwalificeerde meerderheid die de akte voorschrijft en medewerking van eventuele hypotheekhouders. Wat dat inhoudt, staat op splitsingsakte wijzigen.
Bij vrij toewijsbare plekken werkt het bijna nooit om het "gewoon te laten gebeuren". Wie er het eerst was, houdt de beste plek, nieuwe bewoners voelen zich benadeeld, en het bestuur staat tussen twee partijen die allebei gelijk hebben. Neem daarom een expliciet vergaderbesluit, met gewone meerderheid, en leg de regeling vast in het huishoudelijk reglement.
Drie regelingen werken in de praktijk. De eerste is loting met rotatie: elke plek wordt voor twee of drie jaar toegewezen, daarna wordt opnieuw geloot, zodat de gunstige plekken rondgaan. De tweede is toewijzing met een wachtlijst op volgorde van aanmelding, waarbij vrijkomende plekken naar de bovenste op de lijst gaan; dit werkt als er minder plekken dan appartementen zijn. De derde is verhuur door de vereniging tegen een vergoeding die in de exploitatie valt, bijvoorbeeld € 15 tot € 50 per maand; die opbrengst dekt dan een deel van het garageonderhoud, wat het bezwaar van de autoloze eigenaar meteen verzacht.
Leg in alle gevallen drie dingen vast: dat het gebruiksrecht persoonlijk is en niet overdraagbaar aan derden, dat het vervalt bij verkoop van het appartement, en wat er gebeurt bij oneigenlijk gebruik — stallen van een aanhanger, een tweede auto, opslag van spullen. Zonder die derde regel loopt een garage binnen vijf jaar vol met caravans.
Klik op het bouwdeel waar het om gaat en zie meteen wat het modelreglement zegt, wie de rekening krijgt en waar u het in uw splitsingsakte terugvindt.
Open de gebouwkaartDe vraag komt in elke VvE met een garage langs, en het antwoord hangt opnieuw af van de vorm van uw plek. Heeft u een zelfstandig appartementsrecht, dan is de plek van u — maar de kabel, de meterkast, de hoofdaansluiting en de wand waaraan de laadpaal hangt zijn gemeenschappelijk. U heeft dus hoe dan ook toestemming van de vergadering nodig, omdat u gebruikmaakt van gemeenschappelijke gedeelten. Bij een exclusief gebruiksrecht of een vrij toewijsbare plek geldt dat des te sterker.
Een individueel recht op een laadpunt kent de Nederlandse wet niet. Weigert de vergadering zonder redelijke grond, dan kunt u de kantonrechter om vervangende machtiging vragen (artikel 5:121 BW); rechters hebben zulke verzoeken bij laadpunten meermaals toegewezen wanneer de vereniging geen inhoudelijk bezwaar kon aanvoeren en de verzoeker alle kosten en risico's op zich nam. Andersom: heeft de VvE een reëel bezwaar — onvoldoende capaciteit, brandveiligheid, een garage die bouwkundig geen extra installatie verdraagt — dan houdt de weigering stand.
Praktisch draait het om vier punten. De capaciteit van de hoofdaansluiting: tien laadpunten van 11 kW trekt een gemiddelde bestaande aansluiting niet, en een verzwaring kost al snel enkele duizenden euro's. Lastbalancering lost dat meestal op: de laadpunten verdelen samen het beschikbare vermogen. De afrekening: een laadpaal achter de meter van de VvE betekent dat de vereniging de stroom voorschiet, dus regel een systeem dat per gebruiker afrekent, of laat elke eigenaar een eigen aansluiting nemen. En de brandveiligheid: verzekeraars stellen inmiddels eisen aan laadpunten in ondergrondse garages, dus meld de installatie altijd bij de opstalverzekeraar. Wat het geheel kost, rekent u door met de laadpaalcalculator.
Het besluit zelf is doorgaans een besluit tot verandering of vernieuwing van gemeenschappelijke gedeelten. In de modelreglementen 2006 en 2017 vraagt zo'n besluit een gekwalificeerde meerderheid — gebruikelijk twee derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste twee derde van het totale aantal stemmen aanwezig of vertegenwoordigd is — met een tweede vergadering als het quorum niet wordt gehaald. Gaat het puur om het gedogen van een installatie op kosten van één eigenaar, dan volstaat in veel aktes een gewone meerderheid. Uw eigen splitsingsakte is beslissend; toets de uitkomst met stemmen en quorum.
Twee praktische zaken tot slot. Bezoekersparkeren regelt u het beste met een klein aantal duidelijk gemarkeerde plekken en een maximumduur, want een onduidelijke bezoekersplek wordt binnen een half jaar een tweede plek van een bewoner. En het parkeren van fietsen, scooters en lichtelektrische voertuigen in de garage vraagt om een eigen regel: de accu's daarvan zijn inmiddels een bekende brandoorzaak, en verzekeraars stellen er voorwaarden aan.
Handhaving blijft het lastigste. De VvE kan een auto niet zomaar laten wegslepen: een parkeergarage is privéterrein en wegslepen zonder titel levert de vereniging zelf aansprakelijkheid op. De begaanbare route is een aanmaning aan de eigenaar, daarna een boete op grond van het reglement mits de akte daarvoor een grondslag biedt, en in het uiterste geval een kort geding. Meestal is een brief van het bestuur met een verwijzing naar het vergaderbesluit al voldoende.
Kijk in de splitsingsakte en op de splitsingstekening. Heeft de plek een eigen indexnummer met een eigen breukdeel, dan is het een zelfstandig appartementsrecht; u vindt het dan ook terug op uw eigendomsbewijs en in het Kadaster. Staat de plek alleen op de tekening genummerd, met in de akte een bepaling dat het uitsluitend gebruik toekomt aan een bepaald appartementsrecht, dan gaat het om een exclusief gebruiksrecht op een gemeenschappelijk gedeelte. Heeft u de akte niet, vraag hem dan op via splitsingsakte opvragen.
Alleen als het een zelfstandig appartementsrecht is, en dan nog vaak beperkt: veel aktes bepalen dat overdracht uitsluitend aan een andere eigenaar binnen hetzelfde complex mag, of eisen toestemming van de vergadering. Is de plek een exclusief gebruiksrecht op een gemeenschappelijk gedeelte, dan kunt u hem niet los verkopen — hij hoort bij uw appartement en gaat bij verkoop automatisch mee. Verhuur van het gebruik aan een mede-eigenaar wordt meestal wel toegestaan; aan een buitenstaander vrijwel nooit.
Dat hangt volledig af van de kostenverdeling in uw splitsingsakte. Kent de akte één breukdeelverdeling voor alle kosten, dan betaalt u mee, ook zonder plek. Kent zij een aparte verdeelsleutel of exploitatiegroep voor het parkeerdeel, dan komen de garagekosten alleen bij de plekhouders. De vergadering kan die verdeling niet met een gewoon besluit veranderen: daarvoor is een wijziging van de akte bij de notaris nodig.
Staat het exclusieve gebruiksrecht in de splitsingsakte, dan niet: dat recht kan alleen worden gewijzigd door de akte te wijzigen. Berust de toewijzing op een vergaderbesluit of op gewoonte, dan kan de vergadering met gewone meerderheid een nieuwe regeling vaststellen, bijvoorbeeld rotatie of loting. Zo'n besluit moet wel redelijk zijn en behoorlijk tot stand komen; anders kan een eigenaar het binnen een maand na kennisneming laten vernietigen door de kantonrechter (artikel 5:130 BW).
Een hard wettelijk recht bestaat niet. U heeft toestemming van de vergadering nodig, omdat de kabel, de meterkast en de wand gemeenschappelijk zijn. Weigert de vergadering zonder redelijke grond, dan kunt u de kantonrechter om vervangende machtiging vragen (artikel 5:121 BW); dat is bij laadpunten meermaals toegewezen wanneer de verzoeker alle kosten, het onderhoud en de aansprakelijkheid op zich nam. Een weigering op grond van onvoldoende capaciteit of brandveiligheid houdt daarentegen doorgaans stand.
De vereniging, want de deur is een gemeenschappelijke voorziening — ook als alleen de plekhouders hem gebruiken. Uit welke pot dat komt, hangt weer af van de kostenverdeling in de akte. Is de schade veroorzaakt door één eigenaar of diens bezoeker, dan kan de VvE de kosten op de veroorzaker verhalen; dat loopt in de praktijk via de aansprakelijkheidsverzekering. Neem de deur en de aandrijving hoe dan ook op in het MJOP: vervanging kost al snel enkele duizenden euro's.